Levensechte komedie: mijn ode aan ‘Het zonnetje in huis’

Goede komedie staat of valt met het realiteitsgehalte ervan. Het gaat niet om het maken van een grap, het gaat om situaties en menselijke relaties die op zichzelf voor een lach kunnen zorgen. Het gaat niet uitsluitend om de lach, het gaat om alle emoties die teweeggebracht kunnen worden. Het gaat niet om overdrijving, het gaat om geloofwaardig spel. Liefst tegen serieus drama aan schurend, voorzien van een zwart randje. Komedie die de grens opzoekt, net als in het echte leven.

In Nederland is dergelijke komedie dun gezaaid. De enige, als zodanig bedoelde komedieserie die wat mij betreft compleet aan bovenstaande criteria voldoet, is, ook vijftien jaar na beëindiging, Het zonnetje in huis. Niks boerenkoolgezin, zoals in Kees & co, Aaf en Kinderen geen bezwaar. Niks Hollandse kneuterigheid, zoals in ’t Schaep, Zeg ‘ns aaa en Vrienden voor het leven. Niks gemaakte gezelligheid: Het zonnetje in huis laat zien hoe meedogenloos mensen met elkaar om kunnen gaan en hoe dicht de lach en de traan bij elkaar liggen. Om een ontelbaar aantal redenen, maar vooral vanwege de ijzersterke scripts van Ger Apeldoorn en Harm Edens en vanwege het onovertroffen acteerwerk van Martine Bijl en vader en zoon Kraaijkamp, is Het zonnetje in huis ook nu nog mijn favoriete komedie aller tijden.

Na het overlijden van zijn dominante vrouw Agnetha, is Piet Bovenkerk (John Kraaijkamp sr.) na een veertigjarig schrikbewind weer een gelukkige vrijgezel. Al direct na de begrafenis treffen we hem rokend (‘de eerste in veertig jaar’) en drinkend bij de koffietafel, verlost van zijn ‘zwaar onderdonderde’ leven in Harderwijk, dan al verwensingen roepend jegens zijn zopas begraven eega: ‘Laten we hopen dat ze de aarde goed hebben aangestampt’. Het duurt niet lang, of pa Bovenkerk staat mét koffer bij zijn zoon Erik (John Kraaijkamp jr.) en diens vrouw Catharina (Martine Bijl) voor de deur. Hij is zeker niet van plan het Amsterdamse appartement van zoonlief en schoondochter weer te verruilen voor zijn oude woning in Harderwijk. Wat volgt, zijn tien jaren van ongemakkelijke, hilarische situaties in huize Bovenkerk. De spil is de eeuwige vete tussen Piet en ‘Cath’: ze kunnen niet met en niet zonder elkaar. En Erik? Die vormt de eeuwige bemiddelaar tussen de twee.

De eerste seizoenen van Het zonnetje in huis waren rechtstreekse vertalingen van de oorspronkelijk Britse sitcom Tom, Dick and Harriet en doen wellicht daarom wat karikaturaal en overdreven aan. We zien Piet het huishouden van zijn zoon en schoondochter volledig op zijn kop zetten. Zo kookt hij een onmenselijke portie veel te hete nasi waarbij de keuken bepaald niet ongeschonden blijft, solliciteert hij naar de functie van nachtwaker bij een werkgever met een Duits accent (de afloop laat zich raden), organiseert hij kaartavondjes met vrienden die resulteren in brandgaten in het tapijt en neemt hij rijles bij zijn eigen zoon, de auto vrijwel meteen in de plomp rijdend. Niet dat Piet zich ook maar enigszins verantwoordelijk voelt: hij heeft zich voorgenomen te gaan leven en is enkel tevreden met ‘gokken, drank en lekkere wijven’.

Vanaf het tweede seizoen krijgt de stamkroeg van Piet, ‘Café Vijf Bier’, een meer prominente plaats in de serie. Laat ik eerlijk zijn: zonder de caféscènes was Het zonnetje in huis niet compleet geweest. In de loop der jaren hebben verschillende vrienden van Piet plaatsgenomen aan de stamtafel. De serieuze, vrekkige en aan een behoorlijk minderwaardigheidscomplex lijdende Fred (Pieter Lutz) was van begin tot eind van de serie de ideale tegenpool voor grappenmaker Piet. De derde persoon aan tafel hield het om diverse redenen minder lang uit. Aanvankelijk vormde Bert (Sacco van der Made), een soort zwerver die allerlei spullen bij het grofvuil vond die hij naar eigen zeggen nog wel kon gebruiken (‘Wat sommige mensen niet allemaal weggooien!’), het ideale driespan met Piet en Fred. Helaas overleed deze acteur in 1997, waardoor de in mijn ogen meest hilarische bijrol van de serie wegviel. Ook maakte, ongeveer gelijktijdig, de barman Kees (Fred Velle) plaats voor diens ex-vrouw Connie (Dana Dool). Ter vervanging van Bert nam Hella (Ella Snoep), de moeder van Connie, plaats aan tafel. Een volledig andere dynamiek was het resultaat, maar wel één die (net als de vorige) goed werkte. Na een paar seizoenen vond ‘wereldreizigster’ Hella de liefde bij de eigenaar van een koffieplantage. Korte tijd vervulde taxichauffeur Dré (Huib Broos) de rol van derde stamgast, om in de laatste twee seizoenen plaats te maken voor Walter (Hero Muller). In het allerlaatste seizoen had ook barvrouw Connie het café verlaten en nam haar zus Hannie (Marjolijn Touw) de toog over. Vele wisselingen, niet alle even memorabel, maar één ding is zeker: er zijn een hoop mooie scènes gespeeld in Café Vijf Bier.

Het karikaturale van Het zonnetje in huis verdween geleidelijk. Met de intrede van Sacco van der Made en Fred Velle in seizoen twee raakte de vorm al meer uitgebalanceerd: de twee hoofdlocaties (het huis van de familie Bovenkerk en het café) verschenen elk ongeveer even vaak in één aflevering. Ook waren er al minder overdreven huishoudelijke situaties rond Piet nodig om het gewenste effect te bereiken. Alleen al in de bizarre driehoeksverhouding tussen vader, zoon en schoondochter school genoeg hilariteit. Opvallend is wel dat er in de seizoenen met het driespan Piet-Fred-Bert nog erg op de lach gemikt werd (drie oude heren bij elkaar zorgt wellicht ook voor de grootste meligheid), ook met betrekking tot het leven van Erik en Cath. Prominent aanwezig bijvoorbeeld waren hun werkgevers: de ijdele, zelfzuchtige en whiskydrinkende JP (Edmond Classen), directeur van het reclamebureau waar Erik werkte, en de gewetenloze, op mannen jagende Marjan (Mariëlle Fiolet), hoofdredactrice van het tijdschrift Femina, waar Cath voor schreef. Grotere archetypes waren niet denkbaar. Het was dan ook een goede stap van de schrijvers om Erik vanaf het derde seizoen zijn eigen zaak te laten beginnen en Cath langzaamaan een functie in het bedrijf van haar man te geven.

Hoewel Sacco van der Made met zijn overlijden een onopvulbare leegte achterliet aan de stamtafel van Het zonnetje in huis, vormden de seizoenen met Ella en Connie wat mij betreft het dramatische hoogtepunt van de serie. De lach en de traan kwamen precies zo dicht bij elkaar als zou moeten. Meerdere malen werd de slechte relatie tussen moeder en dochter op pijnlijke, soms pijnlijk grappige en daarom goede manier weergegeven.

Nooit vergeet ik de scène waarin Hella het café binnenkomt, niet naar haar dochter kijkt en toch zegt: ‘Connie, goh, ik moet zeggen kind: wat zit jouw haar leuk vandaag.’ Vervolgens draait ze haar verkrampt vriendelijke gezicht alsnog richting Connie en maakt haar opgeplakte glimlach meteen plaats voor een sombere, hangende mond. Waarop Connie met haar eeuwig Rotterdamse tongval zegt: ‘Ma, gaat lekker naar Artis en zegt dat tegen de ijsberen, ja!’

In deze seizoenen zitten, niet geheel verbazingwekkend, ook mijn favoriete afleveringen verstopt. Zo is er de aflevering ‘Bedankt, lieve ouwe’, die zich geheel afspeelt in huize Bovenkerk gedurende een bloedhete nacht. Cath en Erik komen ruziënd thuis van een prijsuitreiking: Erik heeft de Gouden Ganzenveer gewonnen en heeft Cath niet bedankt in zijn speech. Het kost de twee nog heel wat gesprekken, verwijten en kortsluiting om elkaar weer te vinden. Ondertussen lijkt Piet geobsedeerd te zijn door de rouwadvertenties in de krant en vraagt hij herhaaldelijk aan Erik hoe diens speech eruit zou zien op zijn begrafenis. De verklaring voor Piets bui blijkt te schuilen in het feit dat zijn vader is gestorven in een nacht die net zo heet was als de nacht waar ze zich nu in bevinden. Een indrukwekkend detail is dat John Kraaijkamp jr. deze aflevering later heeft betiteld als zijn meest dierbare: hij verwees er zelfs nog naar toen hij in 2011 daadwerkelijk zijn herdenkingsspeech hield.

Met stip op één staat echter de aflevering ‘Zo vader, zo niet’. Een jonge vrouw, Mary-Lou, komt stage lopen op het reclamebureau van Erik, maar deze stage is slechts een excuus: Eriks kantoor bevindt zich recht boven het café, en één van de stamgasten van het café is Fred, van wie Mary-Lou vermoedt dat hij haar vader is. Ze zoekt toenadering tot hem. Fred wil in eerste instantie niets van haar weten, omdat hij denkt dat ze op zijn geld uit is. Vervolgens vertelt hij aan zijn vrienden een ontroerend verhaal over zijn tijd als bibliothecaris tijdens de Boekenweek van 1974: hij werkte samen met een vrouwelijke collega, Isabel, en op de avond dat Simon Carmiggelt in de bibliotheek kwam voorlezen, ontstond er een eenmalige romance tussen de twee. Volgens Fred moet hij zijn dochter toen wel onbewust hebben verwekt. Zo mooi blijkt het niet: in de scène dat Fred en Mary-Lou officieel vieren dat ze vader en dochter zijn, komt Fred er via een boek en een medaillon achter dat niet hij, maar een andere man de vader van Mary-Lou is. Het moment waarop de twee vervolgens afscheid van elkaar nemen in het café, is tranentrekkend:

FRED:                      ‘Mary-Lou. Kom je nog eens langs?’

MARY-LOU:         ‘Tuurlijk… en als ik mijn echte vader vind, hoop ik dat hij net zo lief is

als jij.’

Mary-Lou verlaat het café, er worden nog wat opmerkingen tussendoor gemaakt.

PIET (tegen Fred): ‘Kinderen… voor je het weet ben je ze kwijt.’ *klopt hem op zijn arm*

Conny staat te huilen achter de bar.

HELLA (kil):           ‘Wat zie ik nou…? Conny, moet jij huilen?’

CONNIE (snikt):     ‘Ja… zo ben ik dan ook wel weer hè!’

Alles wat Het zonnetje in huis voor mij zo goed maakt, komt samen in deze aflevering en in deze scène: de complexiteit van relaties tussen ouders en kinderen, tussen familieleden an sich, tussen vrienden, tussen alle mensen. Ondanks het feit dat Piet zijn beste vriend steunt om het ‘verlies’ van zijn dochter, kan hij het niet nalaten te doen wat hij altijd doet: de situatie belachelijk maken en de grens keihard opzoeken. Hij vraagt aan Fred wat hij zou zeggen als Mary-Lou echt zijn dochter was geweest. Fred: ‘Ik hou van je.’ Piet (die daarop doet alsof hij Freds dochter is): ‘Zeg dat dan tegen mij!’ Fred (tegen Piet): ‘Ik hou van je.’ Piet: ‘Van mij?!’ Fred: ‘Nee, van m’n dochter!’ Piet: ‘Je hébt helemaal geen dochter!’

Zo kan ik nog vele afleveringen van A tot Z uittekenen. Ik noem ten slotte het drieluik met Adèle Bloemendaal, dat bedoeld was als het einde van Het zonnetje, omdat zij, in de rol van Gabriëla, Piet mee naar Spanje nam (de rest is geschiedenis: er kwamen nog twee seizoenen). De ‘slotaflevering’ was mooi opgezet: een afscheidsfeest voor Piet, besloten met een ontroerend lied van Cath en, voor het eerst, het in-beeld-verschijnen van Arnoudje, het zoontje van Cath en Erik.

Het zonnetje in huis is komedie, maar wel levensechte komedie. Deze serie heeft er mede toe bijgedragen dat ik me nu nog elke dag realiseer dat de kwaliteit van relaties tussen mensen, of dat nu familieleden, vrienden of kennissen zijn, vooral blijkt uit wat er niet gezegd wordt, maar wat er wel is. Als acteurs dat over kunnen brengen, tja… dat is toch heel waardevol.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s